“Thuis is hier in Skaraborg”
Dit verhaal is tot stand gekomen in samenwerking met de regio Skaraborg. Benieuwd of wonen, werken of ondernemen in Skaraborg ook iets voor jou kan zijn? Abonneer je op hun nieuwsbrief en blijf op de hoogte van verhalen, tips en emigratiemogelijkheden.
Bijna dertig jaar geleden verruilden Claudia en haar familie Nederland voor een nieuw leven op een melkveebedrijf in Zweden. Ze kwamen terecht in Skaraborg, een regio in West-Zweden tussen de grote meren Vänern en Vättern. Spijt van die stap hebben ze nooit gehad. Sterker nog: tegenwoordig helpt Claudia andere Nederlandse melkveehouders die dromen van een toekomst in Zweden.
Het boerenleven is Claudia Gloudermans (56) niet bepaald met de paplepel ingegoten. Als jong meisje fantaseerde ze geen moment over een leven als boer.
“Maar ik werd verliefd op een melkveehouder en toen liep het zoals het liep,” lacht ze.
Die liefde voor Twan zou haar uiteindelijk niet alleen naar een boerderij brengen, maar ook naar Zweden. 28 jaar geleden verliet Claudia Nederland en verhuisde ze met haar gezin naar een melkveebedrijf buiten Korsberga, in de gemeente Hjo.
“Ook toen was het al gebruikelijk dat melkveehouders uit Nederland vertrokken, maar de meesten gingen naar Denemarken. Ik ken niemand anders die zo vroeg al naar Zweden is verhuisd. Maar wij hadden niet het gevoel dat Denemarken bij ons paste. Mijn vader, die veel als vrachtwagenchauffeur had gereden, tipte ons over Zweden.”
Omdat Claudia en haar familie vooraf geen banden met Zweden hadden, gaf uiteindelijk de juiste boerderij de doorslag. Die vonden ze in Skaraborg. Toevallig, maar achteraf had het volgens Claudia nauwelijks beter kunnen uitpakken.
“We hebben hier alles. We wonen in Hjo, aan het Vätternmeer. We hebben bos, landbouwgrond, ruimte. Alles.”

Nieuwsgierige buren
Toen Claudia en haar man naar Skaraborg verhuisden, waren ze volgens haar de eerste Nederlandse boeren in de regio die direct een boerderij kochten. Dat maakte hen bijzonder, maar het hielp ook bij de integratie.
“Iedereen was hartstikke nieuwsgierig naar ons. Ze wilden weten wie die gekken waren die alles hadden achtergelaten om naar Zweden te gaan. Daardoor kwamen we er makkelijk tussen. Onze buren maakten meteen contact en we kwamen in een goede vriendengroep terecht. We werden echt omarmd.”
Toch kwam dat niet vanzelf. Claudia benadrukt dat zij en haar man vanaf het begin bewust probeerden Zweeds te spreken.
“Dat ging echt niet perfect, verre van, maar we deden ons best.”
Volgens Claudia is juist die houding belangrijk als je in Zweden wilt aarden. De taal leren is volgens haar geen detail, maar een voorwaarde om echt onderdeel te worden van de samenleving.
“Zweden is niet het beloofde land, hier moet je ook gewoon werken. Sommige mensen denken te rooskleurig over emigreren naar Zweden. Je moet willen investeren in de taal. Lezen is vrij makkelijk, verstaan gaat ook nog wel, maar praten en schrijven zijn moeilijker. Je moet vanaf dag één alles in het Zweeds proberen te doen.”
Veel Nederlanders stappen volgens haar in de valkuil om Engels te blijven praten, omdat veel Zweden goed Engels spreken.
“Maar dan kom je niet echt in de samenleving. Ze praten aardig tegen je, maar ze nodigen je niet uit voor een feest. Zelfs na 28 jaar weet ik soms nog niet wat een woord betekent. Dan vraag ik het gewoon. Als je het niet vraagt, leer je het ook nooit.”

Hjo als thuisbasis
De plek waar Claudia terechtkwam, is inmiddels veel meer dan de locatie van de boerderij. Hjo is voor haar thuis geworden. Het stadje aan het Vätternmeer staat bekend om zijn houten huizen, ligging aan het water en kleinschalige karakter.
“Hjo is echt een mooi plaatsje met oude huizen. Ik denk dat het een van de mooiste plaatsen van Zweden is. Er staan hier ook veel Nederlanders op de campings. Het is een van de weinige grotere dorpen of kleinere steden waar vroeger geen grote brand is geweest. Daardoor zijn er nog veel oude huizen bewaard gebleven. Het is echt heel mooi.”
Dat betekent niet dat Claudia hele dagen door de omgeving trekt. Daarvoor is het boerenleven te druk.
“We werken heel veel. Zeven dagen in de week, veertien of vijftien uur per dag. Dat hebben we altijd gedaan. Daardoor blijft er weinig tijd over. Voor mijn werk reis ik best veel, dus zo zie ik toch nog veel van Zweden.”
Als familie uit Nederland langskomt, gaat ze wel vaker op pad. Dan staat bijvoorbeeld een wandeling in Tiveden op het programma, of vroeger met de kinderen een bezoek aan Skara Sommarland.
“Er is genoeg te doen, maar wij moeten natuurlijk ook werken. En als Nederlanders langskomen, willen ze ook naar de Zweedse IKEA. Daar zijn er in Nederland ook genoeg van, maar dat doen we dan maar,” zegt ze lachend.
Nederlandse boeren naar Zweden
Inmiddels gebruikt Claudia haar eigen ervaring om andere Nederlandse boeren te helpen. Voor Interfarms begeleidt ze melkveehouders die een bedrijf in Zweden zoeken. Dat doet ze al twintig jaar.
Volgens Claudia groeit de belangstelling voor Zweden onder Nederlandse boeren duidelijk.
“Er zijn nu zo’n zestig tot honderd Nederlandse boeren in Zweden. Lange tijd was Denemarken het populairst, maar de regels waarvoor boeren uit Nederland weggaan, komen daar ook steeds meer.”
Ze begrijpt goed waarom Nederlandse melkveehouders naar Zweden kijken. De omstandigheden zijn volgens haar stabieler dan in Nederland.
“Ik help melkveehouders die genoeg hebben van Nederland, net zoals ik dat destijds had. De regels rond dierenhouderij veranderen daar voortdurend. Dat maakt het moeilijk om te investeren. Je weet niet of wat je nu bouwt over twee jaar nog wel gebruikt mag worden.”

Ook in Zweden zijn er regels, benadrukt ze, maar volgens Claudia zijn die duidelijker en is er meer langetermijnperspectief. Daardoor kun je als ondernemer beter plannen, investeren en je bedrijf ontwikkelen.
Daar komt nog iets bij: de manier waarop er naar boeren wordt gekeken.
“In Nederland kunnen sommige mensen negatief reageren als je vertelt dat je melkveehouder bent. Hier is het juist andersom. In Zweden zijn mensen blij dat er boeren in de buurt zijn die gewassen verbouwen en dieren houden.”
Zweden is bovendien niet zelfvoorzienend, zegt Claudia. Juist daardoor is er volgens haar meer besef dat lokale voedselproductie belangrijk is.
“In Nederland zeg je niet hardop dat je landbouwer bent. Dan zeg je dat heel zachtjes. Hier vinden mensen het fantastisch dat je dat werk doet.”
Niet alleen een boerderij zoeken
Haar werk voor Interfarms gaat verder dan het vinden van een bedrijf. Claudia helpt boeren bij praktische en zakelijke stappen, zoals contact met banken, vertalingen en het regelen van school voor de kinderen. Na aankomst begeleidt ze hen nog twee jaar.
“Ik zorg dat ze goed Zweden binnenkomen,” zegt ze.
Wie overweegt om naar Zweden te verhuizen, adviseert ze altijd om eerst te komen kijken. Niet alleen naar de boerderij, maar ook naar het land en het dagelijks leven.
“Het gaat niet alleen om werk. Verhuizen naar een ander land is veel groter dan dat. Ik zeg meestal: je moet in Zweden willen leven én sterven, wil het goed uitpakken.”

Ook buiten het boerenbedrijf is het volgens Claudia belangrijk om een plek in de samenleving te vinden. Zelf raakte ze al vroeg betrokken bij de interesse van haar kinderen voor kunstschaatsen. In 2012 werd ze gevraagd als voorzitter van de kunstschaatsclub in Tibro.
“Dat gaf me een groter netwerk in de samenleving en nieuwe vrienden. Ik wil soms ook over iets anders praten dan melk en maïs.”
Directer dan de Zweden
Na 28 jaar voelt Claudia zich thuis in Zweden, maar helemaal Zweeds zal ze volgens zichzelf nooit worden.
“Ik ben wel een beetje verzweedst, maar niet helemaal. Je blijft toch Nederlander. Wij Nederlanders zijn directer. Ik kom uit Brabant, dus dan ben ik nog vrij mild, maar we zijn wel directer en ondernemender.”
Bovendien ligt het tempo in Zweden wat anders dan in Nederland. “Zweden staan in een wat lagere versnelling. En hoe hoger je in Zweden komt, hoe lager de versnelling.”
Maar terug naar Nederland wil ze niet meer. De drukte, de haast en de beperkte ruimte passen niet meer bij haar. “Als ik in Nederland even de weg niet kan vinden met de auto, zitten ze gelijk op de claxon. Hier komen ze vragen of ze je kunnen helpen.”
Een oude Nederlandse boer vatte het ooit treffend voor haar samen. “Hij zei: ‘als je te veel varkens in een hok stopt, dan wordt het oorlog. Dat is wat in Nederland nu gaande is.’ Ik denk dat daar wel iets in zit. Er wonen gewoon veel mensen op een kleine ruimte.”
In Skaraborg ervaart Claudia dat heel anders. “We hebben hier vrijheid. We hebben buren, maar niet direct naast de deur. We hebben nergens last van.”
Skaraborg als thuis
Wat Skaraborg volgens Claudia onderscheidt van andere Zweedse regio’s, is de combinatie van ruimte, werk en betaalbaarheid.
“Er is hier voldoende werk en de huizenprijzen liggen lager dan in Nederland. Ik denk gemiddeld ongeveer de helft lager. Als je dat kunt combineren met werk, dan zit je goed.”
Voor Claudia is het na bijna drie decennia duidelijk. Skaraborg is geen tijdelijke plek meer en Zweden is geen avontuur meer.
“Ik voel me hier heel erg thuis, en dat geldt voor ons allemaal in de familie. Onze kinderen zijn hier geboren. We gaan hier nooit meer weg.”
Dit verhaal is tot stand gekomen in samenwerking met de regio Skaraborg. Benieuwd of wonen, werken of ondernemen in Skaraborg ook iets voor jou kan zijn? Abonneer je op hun nieuwsbrief en blijf op de hoogte van verhalen, tips en emigratiemogelijkheden.

