Dit verhaal is tot stand gekomen in samenwerking met de regio Skaraborg. Benieuwd of wonen, werken of ondernemen in Skaraborg ook iets voor jou kan zijn? Abonneer je op hun nieuwsbrief en blijf op de hoogte van verhalen, tips en emigratiemogelijkheden.
In de zomer van 2021 verlieten Miranda Roffel en haar man Hamed Nederland met twee kleine kinderen en een camper. Ze zochten minder stress, meer ruimte en een andere toekomst voor hun gezin. Na een reis door Zweden kwamen ze terecht in Otterbäcken, in de regio Skaraborg. Daar wonen ze nu met uitzicht op het Vänernmeer, en een bos achter het huis. Dit is hun emigreren naar Zweden verhaal.
“Nederland paste steeds minder bij ons. Ik kom uit het noorden van Nederland. Ik ben opgegroeid in Siegerswoude, in Friesland, en woonde later in Nietap, net over de grens in Drenthe. We hadden daar een fijn vrijstaand huis met een grote tuin. Aan ruimte hadden we dus eigenlijk niets te klagen. Toch voelde Nederland voor ons steeds minder passend.
Ik heb altijd veel gereisd en ook ontwikkelingswerk gedaan in verschillende landen. Daardoor had ik al langer het gevoel dat Nederland niet helemaal mijn plek was. Het voelde voor mij vaak te vol, te gestrest en te materialistisch.
Mijn man Hamed komt oorspronkelijk uit Iran en kwam in 2013 naar Nederland. Ook hij zocht meer rust. Toen we kinderen kregen, gingen we ons steeds vaker afvragen: is dit de plek waar we hen willen laten opgroeien?
We maakten lijstjes. Wat vinden we belangrijk? Wat zoeken we in een land? Welke toekomst zien we voor onze kinderen? We dachten aan verschillende plekken in de wereld, maar uiteindelijk bleven vooral Zwitserland en Zweden over. Zwitserland voelde voor ons toch te prestatiegericht. Zweden bleef hangen.
We lazen ons goed in, bezochten een emigratiebeurs en zochten contact met mensen die al in Zweden woonden. Via Facebook kwam ik in contact met Saskia, een Nederlandse fysiotherapeut die in Zweden werkte. Later zou zij mijn collega worden, maar dat wist ik toen natuurlijk nog niet.
Na de geboorte van ons tweede kind en tijdens de coronaperiode werd het gevoel sterker: als we dit willen, moeten we het nu doen. Dus verkochten we ons huis, zegden onze banen op en kochten een camper. In de zomer van 2021 vertrokken we naar Zweden.

Eerst rondreizen, dan pas beslissen
We vertrokken niet met het idee: daar gaan we wonen. Zweden is een enorm land. Hoe weet je waar je wilt wonen als je het land nog nauwelijks kent? Daarom wilden we eerst rondreizen.
We hadden aanvankelijk een regio richting Hudiksvall in gedachten, maar onderweg merkten we dat sommige delen van Zweden voor ons toch wel erg leeg voelden. Tijdens zo’n reis ontdek je pas wat je echt belangrijk vindt. Hoe ver wil je rijden voor een zwembad? Hoe zit het met school voor de kinderen? Welke voorzieningen zijn er in de buurt? En hoe voelt een dorp als je er een paar dagen bent?
Op de heenweg waren we ook door de regio Skaraborg in Västergötland gekomen. Ik had in Gullspång een kijkje genomen bij de praktijk waar Saskia werkte, maar wist toen nog niet dat het later mijn werkplek zou worden. Toen ik een uitnodiging kreeg voor een sollicitatiegesprek, reden we terug.
In eerste instantie was Skaraborg niet onze droomplek. Maar we waren er al geweest, we vonden het mooi en we hadden er een aanknopingspunt. Toen we beter gingen rondkijken, ontdekten we hoe goed het hier eigenlijk bij ons paste. Wat heb je nodig? Rust, een meer, bos en voorzieningen in de buurt. Dan kom je al een heel eind.
Werken in Zweden
Ik werk nu als fysiotherapeut in de eerstelijnszorg van Västra Götalandsregionen. Om daar te komen moest er wel het nodige geregeld worden. In Nederland had ik al een cursus Zweeds gevolgd, maar om als fysiotherapeut in Zweden te kunnen werken, moest ik een hoger taalniveau halen. Uiteindelijk moest ik tot C1-niveau Zweeds leren.
Via mijn werk kon ik een taalcursus volgen en Hamed mocht daar ook aan meedoen. Dat was heel fijn, want taal is echt de sleutel tot je toekomst in Zweden. Zonder Zweeds wordt het in veel beroepen moeilijk.
Daarnaast moest mijn diploma als fysiotherapeut erkend worden. Ik had mijn diploma’s laten vertalen en dacht dat ik alles goed op orde had, maar de aanvraag werd twee keer afgewezen omdat er meer inhoudelijke informatie nodig was. Ze wilden precies weten welke vakken ik had gevolgd en of bepaalde onderdelen in mijn opleiding zaten. Ik moest contact opnemen met mijn oude opleiding en vorige werkgevers om extra bewijs aan te leveren.
Dat was een hoop gedoe. Je mag tijdelijk werken zonder volledige legitimatie, maar dan niet zelfstandig. Er moet dan iemand meekijken met je dossiers. Mij werd verzekerd dat het goed zou komen, maar het duurde toch ongeveer een half jaar voordat alles geregeld was. Toen de erkenning er eindelijk door was, was dat echt een opluchting.
Hamed vond ook vrij snel werk. Via buren hoorden we dat een restaurant op Torsö, een eiland in het Vänernmeer, personeel zocht. Hij begon daar als kok. Later maakte hij een carrièreswitch. Nu werkt hij voor de Zweedse overheid.
Eigenlijk hebben we allebei nooit op de klassieke manier hoeven solliciteren. Bij mij liep het via mijn contact met Saskia, bij Hamed via buren. Dat laat ook zien hoe belangrijk het is om contact te zoeken met mensen die er al wonen.
Een huis met uitzicht op Vänern
Omdat we in een camper leefden, huurden we in oktober eerst een gemeubileerd appartement via Airbnb. Met twee kleine kinderen werd de camper op een gegeven moment toch wel erg klein. Vanuit dat appartement konden we rustig verder zoeken naar een huis in de omgeving.
We bekeken ongeveer tien huizen. Ons huidige huis stond schuin tegenover het appartement waar we tijdelijk woonden. Toch dachten we eerst: nee, dat is niets voor ons. Het stond op een soort kruispunt en op de foto’s zag het er niet aantrekkelijk uit. Dat was denk ik ook een Nederlandse gedachte: een huis op een kruispunt, dat moet wel druk zijn.
Maar in Otterbäcken komt bijna geen verkeer langs. Een buurvrouw zei: ga nou toch eens kijken, het is echt een goed huis. Uiteindelijk deden we dat. Binnen werden we verrast. Het huis was veel beter dan de foto’s deden vermoeden. De keuken en badkamer moesten gerenoveerd worden, maar na een aantal bezichtigingen ontdekten we dat dit bij veel Zweedse huizen zo is.
We hebben het huis gekocht voor 1,1 miljoen Zweedse kronen, ongeveer 120.000 euro. Voor Nederlandse begrippen is dat bijna niet voor te stellen: een groot huis, meer dan duizend vierkante meter grond, uitzicht op Vänern en bos achter het huis. We konden hypotheekvrij wonen. Dat geeft enorm veel vrijheid.

Otterbäcken is klein. Er wonen nog geen duizend mensen. Toch hebben we hier veel van wat we nodig hebben. Er is een supermarkt voor de dagelijkse boodschappen, er zijn restaurants, een haven, een camping, speeltuinen, een bandyclub, een Folkets Hus en een voorschool. In Gullspång, op ongeveer zes kilometer afstand, is een grotere supermarkt en daar gaan de kinderen naar school. Ze kunnen met de schoolbus.
Wat ik fijn vind, is de combinatie. We wonen rustig, maar niet helemaal afgelegen. In het dorp zwaait iedereen naar elkaar en mensen maken een praatje. Zeker in de winter vind ik het prettig dat er mensen om je heen zijn.
Kinderen die hun ouders verbeteren
Onze kinderen waren heel klein toen we verhuisden. De jongste was nog geen één jaar, de oudste bijna twee. Zij weten eigenlijk niet beter dan dat ze hier wonen. Ze spreken inmiddels vloeiend Zweeds. Sterker nog: ze verbeteren soms onze uitspraak. Wij spreken goed Zweeds, maar zij spreken het natuurlijk als kinderen die hier opgroeien.
Als we in Nederland zijn en ze hun neefjes en nichtjes zien, stellen ze inmiddels wel vragen. Waarom wonen zij bij opa en oma in de buurt en wij niet? Dat contrast merken ze nu meer dan vroeger. Je kiest voor een leven hier, maar daarmee kies je ook voor afstand tot familie.
Over de Zweedse voorschool zijn we erg tevreden geweest. Vooral tot zes jaar vond ik het systeem heel fijn. Veel buiten zijn, veel spelen, veel bewegen en ondertussen toch leren. Niet te veel taakjes en opdrachtjes, maar spelenderwijs ontdekken. Onze kinderen hadden een groot buitenterrein en een eigen bos. Ze bouwden hutten, speelden met takken en mochten dingen uitproberen.
Wat ik prettig vond, was dat het minder controlerend voelde dan in Nederland. Daar is veel aan regels gebonden. Hier mochten ze lekker rouwdouwen en onderzoeken. Soms kwamen ze thuis met een schaafwond. Nou ja, dat hoort erbij.
Tegelijk is niet alles ideaal. Met onze zoon lopen we op school ook tegen dingen aan. Hij is slim, maar heeft op sommige vlakken moeilijk gedrag. Mijn indruk is dat er soms sneller gekeken wordt naar kinderen die achterblijven dan naar kinderen die juist verder zijn. Maar dat hangt ook af van de school en de leerkracht. We zijn er goed over in gesprek en ik denk dat het goed komt.

Zweden is geen Valhalla
Op dit moment werk ik 65 procent. Hamed werkt 75 procent. Dat past goed bij ons gezin. Doordat we geen hypotheek hebben, kan dat ook. We hoeven niet maximaal te werken om ons leven te kunnen betalen. We hebben tijd met de kinderen, tijd buiten en minder financiële druk.
Toch is emigreren met jonge kinderen niet alleen maar makkelijk. In Zweden mag je je kinderen niet zomaar naar de opvang brengen als je zelf niet werkt of studeert. Je kunt dus niet denken: ik breng ze een dagje weg zodat ik even kan bijtanken. Dat was iets wat ik had onderschat. Als je geen familie of netwerk in de buurt hebt, ben je veel op jezelf aangewezen.
Ik voel me thuis in Zweden. Als we nu in Nederland zijn, voelt het alsof we op visite zijn. Niet alsof we terug thuis zijn. Dat gevoel kwam eigenlijk vrij snel. Het eerste jaar was wel intens. Je begint met een taalcursus, een nieuw huis, nieuw werk, kleine kinderen en allerlei praktische zaken die geregeld moeten worden. Alles gebeurt tegelijk.
Maar Zweden is geen utopia. Je hebt hier niet ineens alles wat je in Nederland miste, zonder iets anders kwijt te raken. Je familie is ver weg. Vriendschappen zoals je die in Nederland had, bouw je niet zomaar opnieuw op. Soms mis ik dat.
Een sociaal leven opbouwen kost tijd. Een deel van onze contacten loopt via mijn werk, een deel via school en de kinderen. De mensen zijn vriendelijk. In het dorp groet iedereen elkaar. Maar je moet niet verwachten dat Zweden je aan de hand meenemen. Als je veel steun nodig hebt van vrienden en familie, moet je goed nadenken voordat je emigreert.
Daarom denk ik dat voorbereiding heel belangrijk is. Doe een taalcursus. Lees je goed in. Praat met mensen die er al langer wonen. Zoek contact met iemand in je vakgebied. Regel je papieren voordat je vertrekt. En denk niet dat Zweden een soort Valhalla is. Er zijn genoeg mensen die teruggaan omdat ze de gezelligheid, de terrasjes of hun sociale netwerk missen. Potjes pindakaas en hagelslag kun je meenemen. Andere dingen niet.

We zitten hier goed
Hebben we spijt? Nee. Soms zou ik graag even naar mijn ouders of mijn zus rijden. Dat kan niet. Maar daar staat veel tegenover. Als familie hier komt, blijven ze vaak een weekend of een week. Dan heb je op een andere manier tijd samen dan wanneer je alleen even op de koffie gaat.
Voorlopig blijven we hier wonen. We hebben weleens gedacht aan nog landelijker wonen, maar voor de kinderen is het nu fijn dat ze op hun plek zitten. Ze hebben vriendjes en vriendinnetjes, ze kennen de school en het dorp. We hebben opnieuw een camper gekocht, omdat we nog meer van Zweden willen zien.
Skaraborg was niet het oorspronkelijke eindpunt van onze droom. Het werd een plek waar werk, natuur, betaalbaar wonen en gezinsleven samenkwamen. Misschien is dat juist wel waarom het goed voelt. We kwamen hier niet terecht omdat alles perfect was, maar omdat het paste.
Zweden is geen utopia. Maar als je weet waarvoor je kiest, en ook weet wat je achterlaat, kan het hier heel goed zijn.
Voor ons is dit thuis geworden.
Dit verhaal is tot stand gekomen in samenwerking met de regio Skaraborg. Benieuwd of wonen, werken of ondernemen in Skaraborg ook iets voor jou kan zijn? Abonneer je op hun nieuwsbrief en blijf op de hoogte van verhalen, tips en emigratiemogelijkheden.


